empire movie miscellanyTrivia, records en lijstjes voor cinefielen, samengesteld door het Britse filmblad Empire. Een boekje dat daar ver in gaat, bovendien: niet alleen de namen van de zeven dwergen staan erin, ook de namen van wie de originele stemmen insprak in de Disney-film uit 1937. Mijn sympathie ging uit naar de monomane regisseurs, omdat het me een hele klus lijkt op te boksen tegen de conservatieve filmbonzen.

Zo staat het grootste aantal retakes op naam van Charlie Chaplin, die een scène 342 maal liet overdoen in City Lights. Het grootste aantal retakes voor een dialoog is 127, op instigatie van Stanley Kubrick in The Shining. De productiefste regisseur is William Beaudine, die tussen 1922 en 1965 liefst 182 films maakte. De acteur met de meeste rollen op zijn naam (ca. 2000) is Tom London; zijn carrière liep van 1883 tot 1963.

Empire movie miscellany (2007) is op enkele punten al gedateerd. De duurste film ooit volgens de redactie is Cleopatra (1963), die omgerekend 287 miljoen dollar heeft gekost. Ondertussen heeft Pirates of the Caribbean: At World’s End (2007), die naar verluidt 300 miljoen dollar kostte, dat record verbroken.

Toch zullen door moderne, kostenbesparende digitale technieken sommige krachttoeren uit het analoge tijdperk voor eeuwig standhouden. Het grootste aantal figuranten (300.000 stuks) was te zien in Gandhi. Het grootste aantal camera’s dat gebruikt werd voor één scène is 48, voor de zeeslagscène in de vroege versie van Ben-Hur uit 1925.

Lees verder…



horen zien en zwijgen - gerrit komrijTien jaar vóór Marc Mijlemans grossierde Gerrit Komrij al in uiterst giftige tv-kritiek in onze contreien. Voor NRC-Handelsblad nam hij in 1976 plaats op de bank voor ‘de treurbuis’ (door hem ook wel ‘jammerkast’ genoemd) en sabelde in een dagelijks krantenstukje alles neer wat hij zag. “Verdient de tv het dat je er elke dag over schrijft? Krijgen bakstenen ook zoveel aandacht van een juwelier?”

Geert Buelens stelde zich precies dezelfde vraag toen Rudy Vandendaele recent even de handdoek in de ring wierp als tv-criticus: hoe houdt iemand het vol al die Vlaamse bagger te bekijken? Of anders gesteld: waarom niet uitwijken naar de betere film, die ook wordt vertoond op tv, naar kwalitatieve series, naar die paar documentaires waar over nagedacht is? Of nog: waarom de blik niet richten op het buitenland, in veel gevallen, en daar iets over schrijven?

Dat doet (rv) ook wel, maar veel minder vaak. Omdat positief commentaar zich niet zo goed tot stilistische uithalen leent, vermoed ik. Dus speelt bij ‘Dwarskijker’ toch weer primaire geldingsdrang een rol, in plaats van oprecht geloof in de kwaliteiten van een medium. Een rubriek als verluchtingsrooster voor je permanente midlife-crisis. Ik hoop nooit zo te worden.

Lees verder…



mijl op zeven - mijlemansNostalgie kon me geen parten spelen. Ik ben Humo beginnen kopen in 1991. De generatie Herman de Coninck, Piet Piryns en Marc Didden is helemaal aan mij voorbijgegaan. Humo valt in mijn beleving samen met een ander triumviraat: Rudy Vandendaele, Gummbah en de betreurde Patrick De Witte. De nog jonger gestorven Mijlemans ken ik alleen van de weemoedige verhalen die rond zijn persoon hangen.

Verplicht nummer in die mythevorming is zijn recensie van Born Sandy Devotional. Marc Mijlemans (1958-1987) hield van U2, Springsteen, Costello en The Smiths, maar die acts konden het makkelijk zonder zijn bewondering stellen. De Australische Triffids voelden aan als een eigen ontdekking en hij was vastbesloten de blijde boodschap te verkondigen aan de rest van Vlaanderen.

Er is niets mis met dat Triffids-stukje. Dat ik er geen meesterwerk in zie – geen idee hoe een elpeebespreking van een paar honderd woorden een meesterwerk kan zijn – komt denk ik vooral omdat de toon van Mijlemans al vele decennia gemeengoed is in de popbladzijden van Humo.

Lees verder…



leave me alone - maureen corriganHet blijft één van de grote paradoxen van de literatuurbijlagen. Juist van de mensen die betaald worden om boeken te bespreken, kom je haast nooit aan de weet in welke mate dat lezen hun leven echt beïnvloedt. Soms krijg je de indruk dat het lezen hun lezen niet eens stuurt: de ene week wordt de loftrompet gestoken over de nieuwe Houellebecq, de week erop wordt een poëtische flutroman bewierookt.

Onder de boeken die onze kijk op het leven veranderen ressorteren ongetwijfeld onze schoolboeken – zeker ook die van de hogeschool of de universiteit. Vaak genoeg is die invloed echter ook blikvernauwend. Op Twitter erger ik me altijd blauw aan de eenzijdigheid en voorspelbaarheid van de tweets van mensen met een uitgesproken vakdomein.

Ook Maureen Corrigan heeft het juiste curriculum om boeken als werk te zien — materiaal waarover gauw een vrijblijvend oordeeltje te vellen valt. Zij is de critica van NPR Fresh Air, een programma dat wordt beluisterd door vier en half miljoen mensen. Haar besprekingen verschijnen in The New York Times, Newsday, The Nation, The Boston Globe en The Village Voice. Ze won de Edgar Award voor literaire kritiek. Ze schrijft over misdaadverhalen in The Washington Post en doceert literatuur aan Georgetown University. Een hectisch bestaan.

Sometimes I finish reading a book at night, write the review before dawn, edit it with my producer, Phyllis Myers, early that morning, record it a little later, and hear it air that afternoon. Life on the edge, right?

Lees verder…



vrouwen zijn mislukte mannen - groult“Het is, zeer nobele ridder, het kenmerk van een grove, bezoedelde en lage geest om de schoonheid van een vrouwenlichaam als onderwerp van constante ijver te kiezen. Goede God, kan men een nog lager en nog weerzinwekkender schouwspel onder ogen krijgen dan dat van een peinzende, gekwelde, melancholieke man… die zich de tirannie moet laten welgevallen van een stom, imbeciel, onwaardig en smerig stuk vuil!”

Mag ik u voorstellen? Hier spreekt Giordano Bruno, de Copernicaanse martelaar en held van de wetenschappelijke revolutie, in één van zijn mindere momenten. Het is één van de 2000 misogyne quotes die Benoîte Groult opduikelde uit het werk van filosofen, godsdienstige leiders, bestuurders, wetgevers en andere vrouwenhaters door de eeuwen heen. Ook van vrouwen zelf.

Nooit geweten dat de inmiddels stokoude Franse schrijfster van Zout op mijn huid een militante feministe was. En ik moet zeggen, ik was meer onder de indruk van deze citatenbundel dan van haar romans.

Niet door de selectie zelf, die per definitie gekleurd is, niet wordt afgezet tegen historische vrouwvriendelijke citaten en daarom moeilijk te wegen is. Wel door het gemak waarmee de samenstelster citaten kon sprokkelen uit alle tijdvakken en milieus – ook onverdachte kringen zoals de ons altijd aangeprezen Verlichtingsdenkers en sociaal-revolutionairen – én door de consistente lijn die in de argumentatie schuilt.

Consistente lijn? Welja. Vrouwenhaat ervoer ik tot nu toe als een redelijk flou begrip. Na dit boek weet ik dat vrouwenhaat er vooral in bestaat vrouwen te verwijten dat ze niet zo mannelijk zijn als mannen. Dat is althans de rode draad bij Groult. Aristoteles dacht al men zekerheid te kunnen stellen “dat de vrouw slechts een mislukte man is, een vergissing van de natuur, het resultaat van een constructiefout”. Paulus definieerde ‘vrouw’ als “een onvolmaakt evenbeeld van de man”.

Lees verder…



het laatste bed - hugo clausDe auteursnaam op de kaft werkt als een muzieksleutel. Of als de aanduiding van de maatsoort, wat u wil. Een lesbisch koppel plant een zelfmoordpact in hotel Luxor aan de Belgische kust. Luxor: de hedendaagse naam van het oude Thebe, waar, in de Vallei der Koninginnen, de Egyptische edelvrouwen werden begraven. Bij Mulisch had ik me gestoord aan zo’n dure, zelfvergrotende referentie. Bij Claus schiet ik in de lach.

Altijd de monkellach van Claus in gedachte houden, dat lijkt me de beste houding bij Het laatste bed. Na het meesterwerk De geruchten en het op bestelling geschreven prul Onvoltooid verleden bleef Claus eind jaren negentig tijd werken met moord, schandalen en kwalijke familiebanden. Uit Het laatste bed maak ik op dat de auteur wel weer even genoeg had van al te grauw realisme. Het was opnieuw tijd voor lyriek, luxe en literaire grapjes. Ook de bezwaarde mannen werden even in de kast gezet en ingeruild voor gekwelde vrouwen.

Lees verder…



chinese schimmen - simon leysDat ik de vaderlandsche politiek maar met één – halfdichtgeknepen – oog volg, komt omdat hier alleen maar punten en komma’s kunnen veranderen. Men schuift een beetje naar rechts, naar links, weer naar rechts, und kein Ende. Het onverkwikkelijke aanmodderbad van de parlementaire democratie zie ik dan ook niet als een vehikel om een land goed te besturen, hooguit als een rem die extremen voorkomt.

Wanneer ik me daar weer eens aan erger – aan het gebrek aan ideeën, en aan het gebrek aan bandbreedte om die uit te voeren – hoef ik me maar in een boek als dit te verdiepen om me opnieuw te realiseren dat de afremmende functie van de democratie niet vaak genoeg geprezen kan worden.

Chinese schimmen is een van de beste werken over het totalitarisme die ik tot nu toe gelezen heb. Het bevat geen theoretische haarkloverijen of marxistisch gewauwel. Het gaat alleen over de mensen die onder een totalitair juk moeten leven. Als het iets over het maoïstische regime vertelt, dan vervalt de auteur niet in politieke geschiedenis, maar heeft hij het alleen over hoe dat regime zich verhoudt ten opzichte van de brede bevolking.

De Belgische sinoloog en China-reiziger Simon Leys had bij het schrijven 1984 duidelijk aan zijn zijde liggen – een roman geschreven vóór de stichting van de Volksrepubliek, maar waarin Orwell zonder ook maar één tel aan het maoïstische China te hebben gedacht, tot in de details het dagelijks leven daar wist te beschrijven. Leys’ conclusies zijn dan ook even vernietigend.

Lees verder…



a short walk in the hindu kush - eric newbyEen dierbare vriend is geboren en getogen in de schaduw van de Hindoekoesj, op de grens tussen het noord-oosten van Afghanistan en het noorden van Pakistan. Door hem ben ik meer dan gemiddeld geïnteresseerd in de Perzische cultuur en was het ook een kwestie van tijd tot ik dit boek tot me nam. Een Engelsman neemt afscheid van zijn burgerlijke leventje en onderneemt een poging de Mir Samir te beklimmen.

Wie echter snakt naar halsbrekende toeren komt wat bedrogen uit. De auteur neemt vooral een zeer lange aanloop. Het echte klimmen, hoewel spannend beschreven, beperkt zich tot een twintigtal bladzijden. A short walk – kijk alleen al naar die zelfdepreciërende titel – is minder een klimmersverhaal dan een proeve van Englishness.

Eric Newby zit tien jaar in de modebusiness wanneer hij tot de vaststelling komt dat de sector hem nooit iets te bieden heeft gehad. In 1956, hij is dan zesendertig, gooit hij het over een andere boeg. Vanuit Londen zendt hij een telegram naar zijn vriend, de diplomaat Hugh Carless, ‘First Secretary’ in Teheran, om hem te vergezellen op een stoutmoedige tocht: CAN YOU TRAVEL NURISTAN JUNE?

Nuristan, nu een provincie van Afghanistan, is in de tweede helft van de twintigste eeuw één van de meest onbekende streken ter wereld. En één van de minst bereikbare. Het land wordt door imposante bergen omringd. Vliegtuig en auto dienen tot niets: je moet er naartoe lopen. Wegen zijn er nauwelijks en de Afghaanse overheid is zeer weigerachtig om er mensen in toe te laten.

Lees verder…



ieorg idur - roald dahlMijn leesleven was nooit gelukkiger, want kritieklozer, dan rond mijn tiende jaar. Tegelijk was mijn leesdieet wat fictie betreft nooit schraler dan toen. Stripverhalen en de Luistersprookjes van Lekturama vormden de hoofdmoot. Verder las ik alleen Pippi Langkous, maar dan wel eindeloos opnieuw. Dat heb je met goede boeken: als je niet oplet, ontnemen ze je het zicht op andere goede boeken.

Dus heeft Roald Dahl nooit een rol gespeeld wanneer hij dat had moeten doen, en haal ik nu de lectuur van zijn kinderboeken wat plichtmatig in. Zonder veel enthousiasme. Zelfs Matilda (1988) vind ik een redelijk vervelend figuurtje waardoor wij, lezers, te makkelijk worden gevleid.

Ieorg Idur (1990) was de opvolger van Matilda. Dun boekje, vijftien minuutjes lezen. Een van Dahls kinderverhalen die niet vanuit het standpunt van het kind zijn geschreven.

Lees verder…



de opstand der horden - gassetDe opstand der horden is een klassieker die altijd nog eens moest gelezen. De twintigste eeuw is de eeuw waarin de massa’s een politieke factor van formaat werden. In een reeks artikelen in een veelgelezen Madrileens dagblad legde José Ortega y Gasset eind jaren twintig de gevaren van die ontwikkeling bloot. Hij waarschuwt voor het fascisme, het communisme én voor wat hij noemde ‘de hyperdemocratie’.

Omdat het een reeks artikelen betreft, staat het boek bol van de herhaling. De auteur moet zijn betoog steeds opnieuw samenvatten om bij een volgend hoofdstuk te kunnen doorgaan. Dat zou alleen maar vervelend zijn, ware het niet dat hij zo’n briljant stilist is. Deze compleet verouderde vertaling uit 1933 van J. Brouwer gaf aan de tekst nog een extra geestig retorisch tintje.

De essentie heb je snel op een rij. De traditionele bourgeoisbeschaving lijkt zich voor Ortega op een dood spoor te bevinden. De technologische en democratische revoluties hebben welvaart en vrijheid gebracht, maar ook een nieuwe type mens: de ‘hordemens’. Die gedraagt zich als een verwend kind.

De hordemens vindt het maar normaal dat zijn wensen meteen ingewilligd worden. Hij weet niets af van geschiedenis en wetenschap en beseft daarom niet dat zijn welstand in de loop der eeuwen fel bevochten werd op de natuur door allerlei briljante individuen. Niets is vanzelfsprekend of blijft zomaar bestaan. De samenleving is een culturele constructie, niet iets ‘natuurlijks’. Er is intellectuele en morele gestrengheid voor nodig om die in stand te houden.

Lees verder…