Het hertogdom Bourgondië was tussen 880 en het begin van de vijftiende eeuw een in hoge mate zelfstandig gebied binnen het Koninkrijk Frankrijk. Het vormde de kern van het Bourgondische Rijk, dat bestond uit een groot aantal verenigde gewesten, zowel in Frankrijk als in het Heilige Roomse Rijk. Over dit grotere Bourgondische Rijk schreef Petty Bange een klein boekje.

Geen bespreking — alleen vlug wat Wikipedia-alinea’s op een rij, pro memorie:

Tussen 1363 en 1506, onder de Bourgondische hertogen, maakte het Bourgondische Rijk zijn bloeiperiode door. Dit machtige ‘middenrijk’ tussen Frankrijk en het Heilige Roomse Rijk was een van de gevolgen van de Honderdjarige Oorlog (1337-1453). Bourgondië profiteerde van de neergang van haar buurlanden en zou een vooraanstaande rol spelen in de Europese politiek. Het ontbrak haar echter aan voldoende cohesie zodat haar bloei slechts van korte duur zou blijken.

Met Filips de Stoute, die regeerde van 1363 tot 1404, kwam er iemand van het huis van Valois aan de macht, na een eeuwenlange dynastie van Capetingers. Via zijn echtgenote Margaretha van Male werd hij erfgenaam van het graafschap Vlaanderen, in die dagen het meest welvarende gebied in Europa, en als zodanig was hij de machtigste vorst van de christenheid. Filips de Stoute werd opgevolgd door Jan zonder Vrees, Filips de Goede , Karel de Stoute en Maria van Bourgondië. Met Maximiliaan van Oostenrijk kwamen na het huis van Valois de Habsburgers aan de macht. Maximiliaans zoon Filips de Schone regeerde van 1493 tot 1506. Diens zoon Karel V zou koning en keizer worden van het Habsburgse wereldrijk.

De Bourgondische hertogen bleven zich bemoeien met de politiek van het Franse moederland, maar streefden er tegelijk ook naar om de Lage Landen en Bourgondië via een politiek van verovering, gearrangeerde huwelijken en manipulatie tot één machtig rijk te verenigen.

Het Bourgondische Rijk teerde zoals alle laat-middeleeuwse rijken op de boerenstand. De hertogen keken niet zo heel veel om naar hun onderdanen. Gewone kostwinners hadden het moeilijk door het permanente gevaar op misoogst, (oorlogs)belasting, en de grillen van hun krijgszuchtige heersers. Vooral de veertiende eeuw was zwaar, met het woeden van de Honderjarige Oorlog, de pestepidemie en de strijd tussen twee concurrerende pausen.

Het Bourgondische Rijk was in principe afhankelijk van de Franse koning en had het vaak ook zwaar te stellen met de Lage Landen, die welvarende steden hadden als Gent, Brugge en Ieper. Omdat Vlaanderen goede handelsrelaties moest behouden met Engeland moest Bourgondië de kerk vaak in het midden houden.

In zijn rol als heer van de Nederlandse gewesten voerde Filips de Goede veel hervormingen door die het bestuur over zijn gebied moesten vergemakkelijken. Hij voerde een centraal bestuur in voor alle Nederlandse gewesten, een centrale rechtspraak (de Grote Raad) en een centrale inning van belastingen in de vorm van één enkele som voor het hele gebied, die door de gewesten opgebracht werd volgens een door henzelf vast te stellen verdeelsleutel. Om dit centraal overleg mogelijk te maken, stelde Filips de eerste Staten-Generaal in. Het hoogste bestuursorgaan bleef de hertogelijke raad in Dijon. Rijssel werd een tweede bestuurscentrum.

Als begin van de Bourgondische Nederlanden geldt het jaar 1384, toen hertog Filips de Stoute de graafschappen Vlaanderen en Artesië verwierf. In 1430 ging ook het Hertogdom Brabant definitief in Bourgondische handen over na de dood van hertog Jan IV van Brabant. Tegen 1451 omvatte het Bourgondische gebied de Lage Landen met uitzondering van Friesland, Gelre, Luik, Utrecht en een aantal kleinere gebieden die nooit tot de Zeventien Provinciën zullen behoren. Gelre en Utrecht waren toen al vazallen en ook Luxemburg kwam onder Bourgondische controle.

In 1477 sneuvelde hertog Karel de Stoute in de slag bij Nancy en ging een groot deel van het Franse bezit van de Bourgondiërs, waaronder het hertogdom zelf, verloren aan de Franse kroon. Zijn enige erfgenaam was zijn dochter Maria van Bourgondië, die in 1477 trouwde met Maximiliaan I van Oostenrijk. Hierdoor kwamen de overgebleven Bourgondische gebieden onder de soevereiniteit van het Huis Habsburg en worden sindsdien de Habsburgse Nederlanden genoemd.

In het tweede deel van het boekje is er aandacht voor cultuur. Bange reserveert aparte hoofdstukjes voor Christine de Pisan, de Hollandse hofcultuur, de Bourgondische eetcultuur, Jeanne d’Arc en het getijdenboek van de duc de Berry.

(Deze snelle impressie verscheen eerder, kort na lectuur, op checkthis.com)

> lees een fragment uit dit boek op Prins van Denemarken
> http://nl.wikipedia.org/wiki/Bourgondische_hertogen

Petty Bange, De wereld van de Bourgondiërs 1363-1477
128 p.
Uitgeverij Bekking & Blitz, 2011

 

De Honderdjarige Oorlog in een notedop:

Het Huis Capet eindigde met de dood van Filips I van Bourgondië in 1361, die geen kinderen naliet. Karel de Slechte, koning van Navarra claimde nu de titel, maar dit was onacceptabel voor Frankrijk: Navarra steunde Engeland in de nu woedende Honderdjarige Oorlog tussen Engeland en Frankrijk. De Franse koning Jan II schonk de titel aan zijn zoon Filips de Stoute, waarmee het huis van Valois begon.

Onder Filips en diens zoon Jan zonder Vrees werd Bourgondië, de jure een vazal van de Franse koning, een bedreiging voor de Franse troon. Karel VI, kleinzoon van Jan II, was waanzinnig, en Filips, als lid van het Franse koninklijke huis Valois, claimde nu de Franse troon. Zijn voornaamste tegenstrever was Lodewijk van Orléans, een jongere broer van Karel VI. In 1407 vermoordde Jan zonder Vrees Lodewijk, en alhoewel Jan absolutie verkreeg van Karel VI, waren de relaties niet hersteld.

De Engelse koning Hendrik V sloot in het geheim een verbond met Jan zonder Vrees, waarbij deze beloofde de Franse koning niet bij te staan op het slagveld waartoe hij, als Franse vazal, eigenlijk verplicht was. Bij de slag bij Agincourt waren Bourgondische troepen dan ook afwezig. Het Franse leger werd vernietigd. In 1418 veroverden Bourgondische troepen onverwacht Parijs, maar de dauphin Karel VII wist te ontsnappen. Karel de Waanzinnige werd door Bourgondië onder druk gezet om niet Karel VII, maar de zoon van Hendrik V als troonopvolger te erkennen. Hiermee werd de troon van Frankrijk aan Engeland vergeven.

In 1419 werd Jan zonder Vrees op 10 september vermoord door troepen van de dauphin, maar dit kon niet voorkomen dat op 6 november 1429 niet Karel VII, maar de jonge Hendrik VI van Engeland de Franse troon kreeg. Jans zoon Filips de Goede was nu hertog van Bourgondië, en met diplomatieke zetten wist deze zowel de vrede te bewaren met de troepen van de dauphin en Engeland.


Zeg uw gedacht